De echte discussie over de arbeidsmarkt

Niels arbeidsmarkt, marketives Leave a Comment

De echte discussie die we moeten voeren als het gaat over de arbeidsmarkt

Zoals elke verkiezingsstrijd staat ook dit keer het thema arbeidsmarkt hoog op de agenda van de politieke partijen. Er wordt heel veel gesproken over flexibele contracten ten opzichte van vaste contracten. De kreten en termen echte banen, schijnzelfstandigen, WW-premie, gedwongen zzp’ers, en versoepeling van het ontslagrecht vliegen je om de oren. Zo staan de kranten en andere media vol van de vergelijkingen wat de verschillende partijen met de arbeidsmarkt willen. Deze focus op vast versus flex is mijn inziens helemaal fout.

Ja het gat tussen vast en flex is te groot. Ja, er zijn heel veel zzp’ers die liever een vaste baan zouden hebben. Dit moeten we zeker niet onderschatten en dit kunnen en moeten we ook snel stevig aanpakken. Er staan ons echter veel grotere en meer ingrijpende sociale veranderingen te wachten. Dit niet omdat niet alleen de arbeidsmarkt aan het veranderen is maar omdat de rol van arbeid binnen de samenleving structureel aan het veranderen is. De vraag is niet of we ons hard moeten maken voor een terugkeer naar meer vaste contracten of dat we in moeten zetten op verregaande flexibilisering. Deze vraag leidt wellicht tot een aardige discussie, en wellicht wat nieuw beleid na de verkiezingen, maar het raakt helaas de echte vraag over de toekomst van arbeid en werk niet.

Robotisering zorg voor een sociale ommekeer

Buiten de robotisering die al jarenlang speelt als het gaat om fysieke arbeid, krijgen we nu ook te maken met een nieuwe vorm van technologie die we nog niet kennen. Denkarbeid wordt namelijk vervangen door algoritmes en zelflerende software. Hierdoor gaat een groot deel van onze comfortabele kantoorbanen verdreven worden. De software zal het beter, sneller en 24/7 kunnen. Dit zal een enorme sociale omwenteling teweegbrengen: hoe gaan we leven, als betaald werk niet langer voor iedereen een centrale plaats in ons leven inneemt? En waar komt ons inkomen dan vandaan? Robots, software en computers consumeren namelijk (nog) niet. De baasjes van de robots en de schrijvers van de software zullen het hoogstwaarschijnlijk goed gaan doen en wellicht schatrijk worden. Afgelopen week opperde zelfs Bill Gates al dat we het werk van robots, welke banen van mensen overnemen, wellicht financieel extra moeten gaan belasten om ons voorzieningsstelsel op peil te kunnen houden. Hier ben ik zeker geen directe voorstander van maar het is voer voor de echte discussie. Natuurlijk zullen er ook weer vele nieuwe banen gecreëerd worden door deze stroom van robotisering. Echter zullen we, als we hier nu niet al over durven na te denken, te discussiëren en te leren en proberen, later gedwongen worden om radicaal nieuwe en harde afspraken omtrent werk te maken. We zijn hier natuurlijk al wel een heel klein beetje mee bezig. Het oplopen van de pensioenleeftijd met de levensverwachting is een begin. We kunnen in veel gevallen langer doorwerken omdat we gezonder oud (kunnen) worden. Ook het onderwijs zal op de schop moeten waarbij we wellicht af moeten van de termen hoog- en laagopgeleid.  De opleiding moet namelijk niet centraal staan maar veel meer de competenties en vaardigheden. Dit kan dan geuit worden in inkomen, scholingsmogelijkheden, status en andere waarderingen. Waardeer naast betaald ook onbetaald werk. Vrijwilligerswerk en bijvoorbeeld mantelzorg zijn essentiële onderdelen van onze samenleving en onze verzorgingsstaat.

Breder welvaartsbegrip

Gelukkig gaan er ook steeds meer geluiden op voor een breder welvaartsbegrip. Dit juich ik dan ook van harte toe. Economische groei is belangrijk om inkomen en koopkracht te stimuleren maar richt zich nu eigenlijk totaal niet op kwalitatieve aspecten van het leven. Lager en middelbaar opgeleide profiteren veel minder mee van de economische groei van de afgelopen jaren. Lager opgeleiden zijn drie keer zo vaak werkloos en zitten vaker in tijdelijk werk dan hoger opgeleiden, die wel de voordelen van groei ervaren. Welvaart raakt steeds ongelijker verdeeld waardoor het onbehagen en soms zelfs echte onrust bij een steeds groter deel van de bevolking groeit. Door een breder welvaartsbegrip te ontwikkelen kan dit aangepakt worden. Het mag dus niet meer alleen gaan om winstmaximalisatie en het opdrijven van alleen maar de aandeelhouderswinst. Gelukkig zien we hier ook al goede voorbeelden van. Marktposities en het vertrouwen van consumenten in bepaalde bedrijven wordt steeds meer bepaald door de bijdrage die geleverd wordt aan bredere welvaart. Bij veel bedrijven was winstmaximalisatie lange tijd de belangrijkste drijfveer. De laatste jaren zien we een toenemend belang van People, Planet, Profit als basis voor continuïteit. Recentelijk zien we ook bedrijven die als doelstelling hebben maatschappelijke problemen op te lossen. Winst blijft belangrijk maar verschuift naar de achtergrond. Veel bedrijven houden zich bezig met de zingeving van hun bestaan en vragen zich hardop af hoeveel minst genoeg is.

We zullen het debat moeten durven voeren over de vormgeving van een nieuw maatschappelijk contract waarbij we zeker ook de discussie over een eventuele vorm van basisinkomen aan moeten durven gaan. Ons hele belastingstelsel kan dan op de schop. We zullen werk, contractvormen, arbeid, werkeloosheid en leren anders gaan moeten definiëren en waarderen. Het is nu tijd om deze discussie te voeren in plaats van te blijven hangen in de discussie van meer of minder flex.

Geef een reactie